Bedrijven ook in buitenland aan regels houden
Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) is een containerbegrip geworden waar inmiddels bijna alle niet-economische bedrijfsactiviteiten onder vallen. Van het aannemen van meer vrouwen en allochtonen tot het uitzenden van personeel om vrijwilligerswerk te doen in de baas zn tijd. Het onderscheid tussen maatschappelijk betrokken en maatschappelijk verantwoord ondernemen is niet altijd even helder en wordt soms ook door bedrijven willens en wetens misbruikt om zich een beter imago aan te meten. Door Nederlands grootste multinational Shell bijvoorbeeld.Shell besteedt veel geld aan het creëren van een positief en groen imago in Nederland. Maar de dagelijkse praktijk blijkt ver van dat imago verwijderd. In een in februari door Milieudefensie gepubliceerd rapport staan probleemgebieden beschreven waar Shell wereldwijd milieu- en sociale problemen heeft veroorzaakt. In dat rapport worden ook de oplossingen aangereikt met, waar mogelijk, ook hoeveel geld dit kost.
Shell en Nigeria
Het affakkelen van gas in Nigeria is een berucht voorbeeld van het onverantwoorde gedrag dat Shell in dit land al decennialang aan de dag legt. Als er olie uit de grond komt, komt daar gas bij vrij. Dat kan gebruikt worden voor energieconsumptie maar dan moet je er wel een speciale installatie voor bouwen. In Nigeria gebeurt dat niet, daar wordt het gas verbrand. Het affakkelen zorgt er voor veel problemen bij de lokale bevolking: van gezondheidsklachten tot het verlies van landbouwgrond. Ook is de uitstoot van de giftige gassen verantwoordelijk voor een belangrijk deel van de Afrikaanse uitstoot van het broeikasgas CO2.
Shell zei in 1996 al dat het bedrijf zou stoppen met het affakkelen van gas. Maar ruim tien jaar later brandt het gas nog steeds. Shell zegt nu weer over drie jaar te stoppen. Waarom zo lang wachten? Aan de kosten, geraamd op zon anderhalf miljard dollar, kan het niet liggen: de jaarwinst over 2005 bedroeg ruim 25 miljard dollar. Bovendien is het affakkelen is al sinds 1984 illegaal. Vorig jaar nog oordeelde het Hoge Gerechtshof in Nigeria dat met het affakkelen grondwettelijke rechten van mensen geschonden worden. Moet Shell zich niet gewoon aan de wet houden?
Ook met olielekkages zijn er grote problemen in Nigeria. Alleen al in 2005 zijn er, volgens Shell's eigen rapporten, 86 lekkages geweest die aan eigen falen zijn te wijten. In de afgelopen veertig jaar zijn er door toedoen van Shell zelf duizenden olielekkages geweest, een groot deel daarvan is nog steeds niet opgeruimd. Terwijl veel oliefaciliteiten en operaties zich bevinden in ecologisch belangrijke gebieden, zoals visgronden, mangrovebossen en het tropisch regenwoud. Door olielekkages zijn deze gebieden vaak zwaar beschadigd. Drinkwater is vervuild, mensen worden ziek en boeren verliezen hun inkomen omdat ze hun grond niet meer
kunnen bewerken.
Een commissie bestaande uit WWF, IUCN en de Nigeriaanse overheid stelde vast dat elk jaar gemiddeld olielekkages ter grootte van het volume van de Exxon Valdez-tankerramp plaatsvinden in Nigeria. Milieudefensie heeft zelf kunnen constateren dat bij een aantal lekkages de volledige landbouw- en visgronden van de lokale bevolking vernietigd zijn. Dat is niets minder dan een ramp voor een land waar meer dan 60 procent van de bevolking onder de armoedegrens leeft.
Nederlands beleid
De Nederlandse regering is actief betrokken bij bedrijven die internationaal ondernemen. Economische Zaken organiseert regelmatig handelsmissies waarbij bewindslieden van EZ met Nederlandse bedrijven op bezoek gaan bij hun collega's in andere landen, met als doel om de mogelijkheden voor Nederlandse bedrijven te onderzoeken.
Bij echt grote bedrijven komt zelfs de premier in actie. Toen vorig jaar Poetin het meerderheidsbelang van Shell in het grootste olie- en gaswinningsproject Sachalin wilde terugdraaien, aarzelde premier Balkenende niet om te bellen met zijn ambtsgenoot. De Nederlandse regering lobbyt ook voor toegang tot olie- en gas velden voor Shell in andere landen, en is daarbij niet bang om zaken te doen met dubieuze regimes, zoals minister Ben Bot in Kazachstan onlangs liet zien.
Volgens Milieudefensie moet de Nederlandse regering dan óók actief zijn als Nederlandse bedrijven betrokken zijn bij milieu of sociale problemen. Verantwoordelijk staatssecretaris Karien van Gennip van Economische Zaken heeft altijd aangegeven MVO erg belangrijk te vinden. Onder haar beleid werd aandacht gegeven aan duurzaam inkopen en het oprichten van MVO-Nederland waar het midden- en kleinbedrijf met vragen terecht kan. EZ publiceert zelfs een transparantie-benchmark die de jaarverslagen van bedrijven toetst op hun transparantie op MVO-gebied. Maar dat gaat dus niet om het daadwerkelijke beleid van bedrijven in de praktijk, maar wat ze er over vertellen. Dan is het niet zo verwonderlijk dat Shell hoge ogen gooit bij deze meting.
Zorgplicht
Het Nederlandse MVO-beleid wordt nu geëvalueerd door Economische Zaken. De eerste signalen zijn hoopvol: er wordt aangedrongen op meer bindende regelgeving om zo een level playing field, een gelijk speelveld, te creëren. Zodat goedwillende bedrijven niet langer benadeeld worden ten opzichte van bedrijven die het niet zo nauw nemen met milieu en sociale regels.
Ook gaan er stemmen op om de mogelijkheid van extraterritoriale werking van internationale verdragen te onderzoeken. Dit zou kunnen betekenen dat Nederlandse bedrijven die internationaal ondernemen er voor moeten zorgen dat arbeidsrechten worden nageleefd, ook als het productieproces in India plaatsvindt. Dit wordt ook wel ketenverantwoordelijkheid of zorgplicht genoemd. Zelfs de WTO wordt niet als een onneembare vesting beschouwd om zulke regelgeving te ontwikkelen. Milieudefensie vindt het een enorme stap voorwaarts dat EZ inziet dat problemen niet alleen met vrijwillige regels opgelost kunnen worden.
Milieudefensie vindt dat ook Shell zich in Nigeria ook aan de regels moet houden, net zoals ze dat in Nederland moet doen. Milieudefensie pleit voor een zorgplicht voor bedrijven bij hun operaties in het buitenland, gebaseerd op naleving van internationale verdragen. Jeroen van de Veer als topman van Shell-International moet niet alleen zorgen dat er genoeg olie wordt gevonden en dat Shell voldoende winst maakt, maar ook dat het bedrijf zijn rotzooi wereldwijd opruimt, om te beginnen in Nigeria.
Nieuwe regering
Met het aantreden van een nieuwe regering lijken de mogelijkheden voor maatschappelijk verantwoord ondernemen groter geworden. In het regeerakkoord schrijven de coalitiepartijen dat het bedrijfsleven een belangrijke taak heeft om de huidige race-naar-de-bodem te stoppen. De nieuwe kabinetsleden bieden een hoopvol perspectief: de nieuwe minister van Milieu en Energie is professor Jaqueline Cramer, oud-voorzitter van Milieudefensie, en als wetenschapper zeer betrokken bij duurzaamheid en het opraken van de grondstoffen. Ook de nieuwe minister voor Ontwikkelingssamenwerking, Bert Koenders, gaf al eerder aan dat er meer gedaan moet worden aan de verantwoordelijkheid van Nederlandse banken en bedrijven.
Milieudefensie hoopt dat het politieke draagvlak voor maatschappelijk verantwoord ondernemen in de nieuwe Tweede Kamer dan ook voortvarend door het nieuwe kabinet wordt verzilverd. Zodat bedrijven zoals Shell zich overal aan dezelfde regels houden, ongeacht of ze in Nederland of daarbuiten ondernemen.
Anne van Schaik is campagneleider Globalisering en Milieu bij Milieudefensie
