Bali en de moeizame aanpak van het broeikaseffect
In Bali is afgelopen december een afspraak gemaakt voor een zogenaamde routekaart voor een vervolgafspraak op Kyoto, met als doel de opwarming van de aarde binnen de perken te houden. Helaas is het een routekaart zonder duidelijke bestemming gebleken. Het document is eigenlijk niet meer dan afspraak en tijdspad om tot echte afspraken te komen. Het echte onderhandelen moet nog beginnen en de urgentie is groter dan ooit. Deze week werd bekend (tijdschrift Nature Geoscience: www.nature.com/ngeo/index.html ) dat uit satellietwaarnemingen blijkt dat het verlies aan ijs van Antarctica in afgelopen tien jaar met 75% is toegenomen. Dit terwijl volgens de meeste klimaatmodellen de ijskap bestand zou zijn tegen opwarming van de aarde. Het zou goed kunnen betekenen dat de zeespiegel nog meer gaat stijgen dan tot nog toe werd aangenomen.In Bali ontbrak de politieke wil om deze urgentie om te zetten in daden. Er waren veel verwijten heen en weer en weinig leiderschap. Als iedereen wacht op iedereen komen wij nooit verder. Noorwegen heeft in Bali hier een goed voorbeeld laten zien: de Noren hebben aangekondigd om als eerste land klimaatneutraal te worden. Ook al is dat maar half zo goed als het lijkt, het is wel veel ambitieuzer dan wat andere westerse landen willen. Een ander goed voorbeeld: Groot-Brittannië gaat dit jaar een klimaatwet invoeren, waarbij de reductie van broeikasgassen juridisch bindend wordt vastgelegd. Daar kan dan niemand meer onderuit.
Nederland
Het kabinet Balkenende zet ook stappen in de goede richting. Neem de vergroening van het belastingstelsel, het duurder maken van vieze auto's en subsidiëren van schone auto's. Ook de subsidiëring van zon- en windenergie en de invoering van de vliegtax die het vliegen duurder maakt kan op steun van Milieudefensie rekenen. Die laatste maatregel zet overigens nog weinig zoden aan de dijk, omdat vliegen ten opzichte van alle andere vormen van transport enorm wordt bevoordeeld. Zo wordt er geen BTW op vliegtickets geheven en geen accijns op kerosine. Geheel ten onrechte, want vliegen is nu al verantwoordelijk voor 10% van het broeikaseffect, en zonder ingrijpen wordt dat al gauw 20%.
Helaas zet het kabinet niet alleen stappen vooruit, maar ook achteruit. Zo blijft dit kabinet veel investeren in meer asfalt en weinig in openbaar vervoer. Het roept ook geen halt toe aan de bouw van nieuwe kolencentrales. En het kabinet sluit vrijblijvende convenanten af met het bedrijfsleven, waarbij de oorspronkelijke ambitie om als Nederland in 2020 30% minder broeikasgassen uit te stoten is verwaterd tot 20%. Tenslotte: het kabinet bekijkt pas in het laatste jaar van haar regeerperiode of het zn eigen oorspronkelijk ambitieuze doelstellingen heeft gehaald. Dat is te laat om nieuw beleid in te zetten. En er is geen enkele garantie dat een volgend kabinet de eerste stappen in de goede richting van dit kabinet zal vervolgen.
Klimaatwet
Er is enorm veel bereidheid in de samenleving en bij het bedrijfsleven om te handelen. Dat gevoel van urgentie is terecht. Wetenschappers zijn het er namelijk over eens dat we de gevolgen van klimaatverandering alleen binnen de perken kunnen houden als de aarde niet meer dan twee graden opwarmt. Daarvoor moeten we echter al binnen een paar jaar de sterk stijgende lijn van de uitstoot van broeikasgassen weten om te buigen naar een daling. En dat vraagt doortastend en vasthoudend optreden van de overheid. Burgers en bedrijfsleven zijn namelijk wel bereid een nieuwe weg in te slaan, maar dan willen ze wel dat de buurman en -vrouw dat ook doet. Als we er samen voor gaan, en dat wil het kabinet toch met haar motto samen werken, samen leven, dan zijn de resultaten snel zichtbaar. Steeds meer topmensen uit het bedrijfsleven roepen het kabinet op om een eenduidig lange termijnbeleid neer te zetten. Dan kunnen bedrijven serieus gaan investeren in energie-efficiënte technologieën en schone energie. En ook burgers willen dat de overheid het initiatief neemt, zodat ze niet alleen staan in hun inspanningen om energiezuiniger te leven.
Het kabinet moet dus niet afwachten of de afspraken met het bedrijfsleven voldoende opleveren. Achterblijvers binnen het bedrijfsleven zullen de boel willen vertragen, waardoor de voorlopers worden benadeeld en de middengroep niet beweegt. Door een klimaatwet in te voeren, waarin wordt vastgelegd dat ieder jaar de uitstoot van broeikasgassen 3 procent moet verminderen, kan niemand zich meer verschuilen. Dan wordt afwachten duur en is voorlopen financieel aantrekkelijk. Zowel voor bedrijven als burgers. Uiteindelijk zijn we dan allemaal beter af, want hoe langer we wachten met echte maatregelen, hoe duurder het wordt.
Europa
Nederland is maar een klein land. Maar in tal van Europese landen is er veel in beweging. Groot-Brittannië wordt het eerste land dat een klimaatwet invoert, maar er zullen er snel veel volgen. En hoe meer druk er komt van individuele lidstaten, hoe meer bereidheid er ontstaat om het Europese beleid aan te scherpen. Normering van apparaten en auto's is een zeer effectieve wijze om broeikasgassen te verminderen. Zo mogen auto's binnenkort niet meer dan 130 mg CO2/km uitstoten. Door de Duitse autolobby is die norm helaas afgezwakt ten opzichte van de eerdere doelstellingen. En het Europese emissiehandelssysteem moet nog enorm worden aangescherpt, omdat bedrijven gratis enorm veel emissierechten hebben verkregen, waardoor het geen enkele bijdrage levert aan de vermindering van broeikasemissies. De emissierechten moeten daarom worden geveild en het emissieplafond moet fors worden verlaagd. Dat ontstaat er een systeem waarin de vervuiler betaalt en de opbrengsten van de veiling kunnen besteed worden aan verdere verduurzaming van onze energiehuishouding. Vanaf 2013 wordt de luchtvaart ook opgenomen in het Europese emissiehandelssysteem. Het is goed dat de luchtvaart niet meer buiten schot blijft, zoals dat tot nu toe het geval was. Maar hier stelt de Europese maatregel eveneens nog weinig voor. Want ook de luchtvaart wordt enorm ruim bedeeld in emissierechten.
Klimaattop Kopenhagen
Alles bij elkaar is er veel in beweging, maar blijven veel landen en werelddelen vooralsnog steken in halve maatregelen. De komende twee jaar zijn cruciaal. Want in 2009 wordt op de Klimaattop in Kopenhagen de routekaart van Bali omgezet in harde afspraken. Tenminste, dat is de bedoeling. Daar mag het niet fout gaan. En daarvoor is het van wezenlijk belang dat de rijke landen kunnen laten zien dat ze hard aan de weg timmeren en bereid zijn zich te binden aan verregaande reductiedoelstellingen. Alleen dan zullen opkomende economieën als China en India ook willen investeren in de aanpak van het klimaatprobleem. Pas dan hebben we zicht op een effectieve aanpak van het klimaatprobleem.
Willem Verhaak is campagneleider Klimaat en Energie bij Milieudefensie.
