Intellectuele larven
Als intellectueel hou ik mij het liefst buiten het publieke debat. Ik lees veel filosofische boeken, praat met mensen die ook filosofische boeken lezen en ga s nachts tevreden slapen, namijmerend over filosofische boeken. En voor de zekerheid ligt op mijn nachtkastje een filosofisch boek, voor het geval ik even wakker wordt. Maar meestal slaap ik door, want:ik ben veilig.
Vannacht was dat anders. Ik werd wakker als larf. Een zuigende, vretende, neukende, rollende en schijtende larf. Een larf waarover gewaakt moet worden. Door honderdduizenden mensen, zo vertelde reclamespotjes onlangs. En die mensen gaan nu dus centraal aangestuurd worden door het Ministerie van Veiligheid. Nee, dit is geen passage uit 1984, dit is Balkenende, Donner en Brinkman die tot u spreken. Dit Ministerie gaat waken over niets minder dan Nietzsches laatste mens, de mens die niet wil lijden. Doe alles, zegt de laatste mens, maar laat mij niet lijden, ik heb er alles voor over.
In een werkende democratie moet iets op het spel staan, moeten machten tegenover elkaar staan. Voor de oorlog emancipeerden de arbeiders, de economische meerderheid. In de jaren zeventig kwamen vrouwen, homos en nog wat groepen aan de beurt, de getalsmatige meerderheid. In beide gevallen moest er gevochten worden tegen de macht. Nu is deze emancipatie goeddeels rond en geeft de Nederlander gemiddeld een ruime zeven aan zijn larvenleven. En zolang de meerderheid voorzien is van een redelijke levensstandaard, is de Nederlandse larf tevreden en vooral bang dit bestaan te verliezen.
Maar macht zonder tegenmacht kan zichzelf nooit in de hand houden. Als burgers niet protesteren, eigent het bestuur zich bij elke maatschappelijke oprisping steeds een stukje extra macht toe, hoe goed bedoeld soms ook. En dit eindigt pas wanneer het pijn gaat doen, als ons larvenbestaan wordt verstoord en we ineens volwassen moeten worden. Het gaat allang niet meer om het versleten privacy-argument met de bekende bezwerende mantra als je niks te verbergen hebt, is er geen probleem. Dit argument verdoezelt juist waar het om gaat: een steeds verdere verschuiving van macht richting overheid en een steeds grotere mate van oncontroleerbaarheid. Dit gaat bijvoorbeeld over Schiedammer Parkmoorden en andere recente blunders van het rechtssysteem, die ook ú kunnen overkomen.
Maar grote kans dus dat het Nederlandse ambtenarenstelsel na de verkiezingen op de schop gaat. Duizenden ambtenaren gaan ergens anders werken. Meestal niet fysiek, maar vooral in hun hoofd. Alle rechters die vroeger prutsten met dat ouderwetse weegschaaltje krijgen nu een hoger afwegingskader. Over Amerika hoef ik het niet te hebben, maar ook in Engeland is het duidelijk: op 14 mei 2006 rapporteerde de BBC dat Blair plannen had om de rechten van de mens ondergeschikt te maken aan de nationale veiligheid. In concreto betekent dit dat veiligheid belangrijker is dan alles waar u als mens voor staat. Laat mij niet lijden, ik heb er alles voor over.
Brinkman doet de angsten over samenvoeging van AIVD (die aan opsporing doet) en de rechterlijke macht (die aan veroordeling doet) af als een academische discussie. Academische discussies staan buiten de werkelijkheid, dat weten we allemaal. Wanneer luistert het CDA eigenlijk zelf naar intellectuelen? Maar Brinkman past gewoon de beste electorale partijstrategie toe en reageert vanuit de brede consensus. Want het is een trieste waarheid: sinds de val van muur en het ongelijk van links worden veel intellectuelen niet meer serieus genomen, ironisch genoeg zelfs als ze conservatief zijn.
Wat is nu de diepste oorzaak van dit alles? Laat ik eens een nationalistisch balletje opgooien: wij, Nederlanders, zijn onze identiteit kwijt. En dan heb ik het niet over de VOC-mentaliteit of André Hazes, maar over onze allergrootste waarde. Hieraan herken ik in het buitenland Nederlanders uit duizenden. Hierop was ik tot voor kort enorm trots. De Hollandse nuchterheid. Alleen de electronicaketen Mediamarkt lijkt deze kernwaarde in de publieke ruimte nog hoog te houden: Laat je niet voor de gek houden! Ik ben toch zeker niet gek?
Nu nog is mijn larfzijn te heerlijk. Ik wentel mij in filosofische boekjes, zinnenprikkelend genot en sociale contacten. Mijn leven is een ruime zeven. Maar het vet dikt aan tussen mijn ribben en mijn bed helt steeds meer over, ooit rol ik er uit. Kan ik dan nog rollen, rol ik Nederland uit of heeft dat dan in de geglobaliseerde wereld helemaal geen zin meer? Ik moet in actie komen, maar hoe? Mezelf motiveren door radicaler te denken! Maar radicaliseren, dat is nog zoiets wat tegenwoordig niet meer mag. Binnenkort mág ik de macht niet eens meer in de zwartste termen afschilderen, diep geloven dat een andere maatschappij of cultuur beter is dan de huidige. Maar dan sla ik terug, hoe zinloos ook. Want laat mij niet lijden, ik heb er alles voor over.
Lees: www.nrc.nl/binnenland/article524967.ece
Hans Kennepohl
